Review ‘Success and Luck’ (Robert D. Frank)


In de lente luisterde ik luisterde het boek Success and Luck: Good Fortune and the Myth of Meritocracy van professor Robert D. Frank over de mate waarin succes bepaald wordt door geluk, en de implicaties daarvan voor ons gevoel van eigenaarschap over dat succes. En dat resulteert natuurlijk in minder altruïsme.

Mijn schoonvader Hans heeft een groot deel van zijn leven gewijd aan het bouwen van een fantastisch familiebedrijf. De afgelopen tien jaar heb ik van dichtbij getuige mogen zijn van het harde werk dat in zo’n onderneming gestopt moet worden. Als er dan wat overblijft, dan mag die fantastisch lieve man daar toch op z’n minst zelf van genieten, zou je zeggen. Maar dat is nou precies waar professor Frank met zijn boek tegenin gaat.

In het boek worden twee belangrijke punten gemaakt :

  • We, en dan vooral de mensen die heel succesvol zijn, onderschatten enorm hoe groot de rol is die geluk speelt bij het behalen van succes.
  • Het niet erkennen van die geluksfactor heeft een heel negatief effect op de maatschappij (en uiteindelijk ook op de succesvolle mens zelf ). Dat zet namelijk niet aan tot teruggeven aan de maatschappij die je in staat heeft gesteld zo succesvol te worden.

Succces and Luck: Good Fortune Meritocracy

De afgelopen jaren is er veel wetenschappelijk onderzoek gedaan dat aantoont dat geluk een veel grotere rol speelt bij de belangrijke dingen in ons leven dan we vaak (willen) denken. In zijn boek laat Frank ons zien wat de implicaties zijn van een maatschappij waarin succesvolle mensen de rol van geluk onderschatten.

In een wereld waarin er veel zogenaamde ‘winner-take-all markets’ zijn, kunnen kleine voordelen zich vertalen naar enorme voorsprongen. Het tekenende voorbeeld dat Frank geeft, is dat van mensen die twee tot zelfs vier ton extra uitgeven voor een net wat betere auto. Hij geeft deze mensen twee alternatieven: een Porsche 911 Turbo van anderhalve ton op een glad wegdek, of een Ferrari F7 Berlinetta met een V-12 motor van ruim drie ton op een weg vol gaten. De Porsche kost minder dan de helft van de Ferrari en als je die nou zou kiezen, had je genoeg geld over om de weg zo glad als een spiegel te maken. Dus, vraagt Frank, wie is blijer: de persoon in de Porsche op spiegelgladde wegen of de persoon in de Ferrari op de weg vol gaten? De persoon die iets teruggeeft aan de maatschappij en daarmee kiest voor het belang van iedereen, of degene die kiest voor zijn eigen geluk en daarmee eigenlijk iets doet wat in niemands belang is, ook niet dat van hemzelf?

Met dit en vele andere sprekende voorbeelden wil Frank laten zien hoe onrealistisch het is wanneer de succesvolle en rijken (wij dus) hun inkomen – grotendeels verworven door het geluk toegang te hebben tot over de publieke goederen in onze wereld, zoals educatie en veiligheid – alleen uitgeven aan zichzelf. Dat erodeert die basis van publieke goederen, waardoor er in de toekomst minder overblijft voor iedereen.

Frank stelt dat we beleid maken op louter door geluk gedreven ongelijkheid. We kunnen dan elk jaar miljarden dollars vrijmaken, meer dan genoeg om onze verkruimelde infrastructuur, gezondheidszorg, klimaatverandering en armoede aan te pakken, zonder dat er ook maar iemand pijnlijke opofferingen hoeft te doen. En als je dit niet aannemelijk vindt klinken, dan durft Frank te stellen dat er slechts een paar non-controversiële stappen hoeven te worden gezet om tot een oplossing te komen.

Als mijn schoonvader Hans bij de ABN AMRO zou bankieren, dan zou hij misschien wel het geluk hebben terecht te komen bij Jasmijn Melde voor filantropie-advies. Dan zou Jasmijn, begrijp ik uit eerdere gesprekken met haar, oprecht blij en dankbaar zijn voor alles wat Hans van zijn eerlijk verdiende vermogen zou willen delen met de maatschappij. Zij vertelde me laatst diep onder de indruk te zijn van de vrijgevigheid van de mens. Ik heb me daar altijd anders bij gevoeld, meer in de richting van hoe Robert Frank ernaar kijkt.

Grappig genoeg zie ik op dit punt heel veel overeenkomsten met de Effective Giving-community. De start van onze Mini Masters is een persoonlijke ontdekking van wat ons samenbrengt. Zonder uitzondering bleek uit ieders verhaal dat men zich sterk identificeerde met de wereldvisie van Frank. Of men het nou labelde als plicht of als kans om te kunnen geven, niemand uit deze groep dappere gevers lijkt te vinden dat de verdeling van de middelen in onze wereld losstaat van het geluk dat zij hebben gehad in dit leven. En ook niet dat deze middelen niet op de meest effectieve manier hun weg terug moeten vinden naar die wereld.

 

Robert H. Frank is de H. J. Louis Professor of Management en Professor of Economics aan de Johnson School of Management van Cornell University . Hij is Economic View columnist voor de New York Times en auteur van o.a. The Winner-Take-All Society (met Philip J. Cook), The Economic Naturalist, The Darwin Economy (Princeton), en Principles of Economics (met Ben S. Bernanke).